Een recente studie suggereert dat flavanolen, verbindingen die voorkomen in pure chocolade, thee en rode wijn, de hersenfunctie niet ten goede kunnen komen door opname in de bloedbaan, maar door een direct sensorisch signaal. Het onderzoek, uitgevoerd op muizen, geeft aan dat de samentrekkende smaak van flavanolen neurale activiteit teweegbrengt die vergelijkbaar is met die veroorzaakt door lichamelijke inspanning. Deze bevinding introduceert het concept van ‘sensorische voeding’, waarbij wordt voorgesteld dat de ervaring van het proeven van bepaald voedsel een directe invloed kan hebben op de gezondheid van de hersenen.
De puzzel van de effectiviteit van flavanol
Jarenlang hebben wetenschappers de cognitieve voordelen van flavanolrijk voedsel waargenomen, ondanks het feit dat deze verbindingen slecht door het lichaam worden opgenomen. Deze paradox was voor onderzoekers van het Japanse Shibaura Institute of Technology aanleiding om te onderzoeken of de voordelen voortkomen uit absorptie of uit een geheel ander mechanisme.
Hoe de studie zich ontvouwde
De studie omvatte het toedienen van flavanolen aan muizen en het monitoren van hun gedrag. De resultaten toonden aan dat muizen die flavanolen kregen een verhoogde fysieke activiteit vertoonden, verbeterd leervermogen en verhoogde alertheid. Dit hield verband met de activering van het locus coeruleus-noradrenalinesysteem, een belangrijk hersengebied voor alertheid en stressreactie.
Sensorische voeding: een nieuw perspectief
De onderzoekers stellen voor dat het samentrekkende gevoel veroorzaakt door flavanolen sensorische zenuwen activeert en directe signalen naar de hersenen stuurt. Deze ‘sensorische voedings’-theorie suggereert dat de smaak zelf, en niet het voedingsprofiel, een primaire aanjager kan zijn van de cognitieve voordelen van flavanol. De implicatie is dat het proeven van flavanolrijk voedsel de hersenen kan prikkelen, alertheidsroutes kan activeren en in realtime vorm kan geven aan fysiologische reacties.
Belangrijke overwegingen
Hoewel het onderzoek intrigerende inzichten biedt, is het van cruciaal belang op te merken dat het op muizen is uitgevoerd en dat verdere proeven op mensen nodig zijn om deze bevindingen te bevestigen. Het vertalen van muizendoses naar menselijke equivalenten is ook complex, en voedingsaanbevelingen kunnen niet alleen op basis van dit onderzoek worden gedaan.
Het grotere plaatje
De studie versterkt het idee dat flavanolrijk voedsel de gezondheid van de hersenen kan ondersteunen, maar biedt een nieuw perspectief op hoe. Het suggereert dat voeding niet alleen om absorptie gaat; de zintuiglijke ervaring van voedsel kan een betekenisvolle rol spelen in fysiologische reacties. Deze paradigmaverschuiving zou de manier kunnen veranderen waarop we de relatie tussen smaak, gezondheid en de hersenen begrijpen.


























